Derde deel van Engelandts apél en beroep aan [sic] en op de gemeente, tegen den koning en desselfs groote geheyme mannen. Behelsende een levendig vertoog, hoe bedrieglijk de kroone van Engelandt heeft begonnen, met Engelands privilegien, wetten en oude herkomen te verkoopen aan Vrankrijks hoogmoed .. | lit.salon